Hoofdstuk 1,
Paragraaf 1
In uitvoering
Denkroutines per Denkdoel
Project of onderzoek starten
Dit zijn routines die je helpen om je voor te bereiden op een nieuw onderwerp en om je nieuwsgierigheid te wekken.
- 3-2-1 Brug: Om na te denken over wat je al weet en wat je wilt leren, en dit later te verbinden met nieuwe ideeën.
- Creatieve vraagstarters: Om diepgaande en creatieve vragen te bedenken aan het begin van een nieuw onderwerp.
- Creatieve vragen: Om bij de start van een nieuw onderwerp vragen te bedenken en je verbeelding te gebruiken om ze te verkennen.
- De 3 Waarom-vragen: Om te begrijpen waarom een onderwerp relevant is voor jezelf, je omgeving en de wereld.
- Denk, Puzzel, Onderzoek: Om te ontdekken wat je al weet, welke vragen je hebt en hoe je antwoorden kunt vinden.
- Genereren, Sorteren, Verbinden en uitwerken: Om je voorkennis over een onderwerp te activeren voordat je ermee begint.
- Hotspots – Waar of Onzeker?: Om na te denken over wat je al weet over een onderwerp en welke ideeën je verder wilt onderzoeken.
- Loop door de week: Om te ontdekken hoe een onderwerp van school in je dagelijks leven voorkomt.
- Maak een Notitie: Om na een les na te denken over wat je hebt geleerd en welke vragen je hebt.
- Overbrug de Afstand: Om te leren hoe mensen op verschillende plekken over een onderwerp denken.
- Pel de vrucht: Om een onderwerp stap voor stap te onderzoeken, te beginnen met wat je weet en je weg te banen naar diepere inzichten.
- Stil Gesprek: Om samen over een nieuw onderwerp na te denken en ideeën te verzamelen.
Kritisch denken en mening vormen
Dit zijn routines die je helpen om kritisch na te denken, verschillende standpunten te overwegen en een onderbouwde mening te vormen.
- Cirkel van perspectieven: Om te begrijpen dat mensen verschillend naar een onderwerp kunnen kijken en om nieuwe ideeën te bedenken.
- Claim, Ondersteuning, vragen: Om logisch te leren nadenken en je mening met bewijzen te ondersteunen.
- Feiten of Fictie: Om kritisch te kijken naar informatie en te bepalen wat je zelf gelooft en waarom.
- Hier en Nu / Daar en Toen: Om te begrijpen hoe ideeën en waarden door de tijd heen veranderen en waarom mensen vroeger anders dachten.
- Hoe Anders en Waarom?: Om je boodschap beter aan te passen aan de situatie en je effectiever te uiten.
- Hotspots – Waar of Onzeker?: Om kritisch te kijken naar ideeën en je af te vragen waarom sommige belangrijker zijn dan andere.
- Kies je Standpunt: Om te leren over moeilijke vragen en problemen te denken, en om je mening te vormen.
- Kompaspunten: Om een idee of voorstel van verschillende kanten te onderzoeken, wat je helpt om een weloverwogen mening te vormen.
- Lenzen voor Dialoog: Om vanuit verschillende perspectieven naar een maatschappelijk thema te kijken en te begrijpen hoe je eigen achtergrond je visie beïnvloedt.
- Mooi & Waar: Om te leren hoe schoonheid wordt gebruikt om een boodschap over te brengen en tegelijkertijd de waarheid kan verbergen.
- Onderdelen, Perspectieven en Ik: Om een object of systeem beter te begrijpen door vanuit andere mensen te denken en te kijken naar je eigen mening.
- Rood licht, Geel licht: Om beter na te denken over wat mensen zeggen en schrijven, en om te ontdekken of iets waar is.
- Stap Binnen: Om in de huid van een ander te kruipen en je inlevingsvermogen te ontwikkelen.
- Stap In – Stap uit – Stap Terug: Om te begrijpen hoe anderen de wereld zien en om kritisch naar je eigen aannames te kijken.
- Touwtrekken over rechtvaardigheid: Om na te denken over dilemma’s met twee kanten en te begrijpen waarom mensen verschillend denken over wat eerlijk is.
- Waarden, identiteiten, acties: Om kritisch te kijken naar media en kunst, en de waarden, identiteiten en acties die daarin worden uitgedrukt te onderzoeken.
- Waarheid voor wie?: Om te leren hoe de situatie en belangen van mensen hun mening beïnvloeden, en om begrip te krijgen voor anderen.
- Wat maakt dat je dat zegt: Om te leren waarom je iets vindt door te beschrijven wat je ziet en hoe details je mening beïnvloeden.
- Zoektocht naar de waarheid: Om de complexiteit te onderzoeken van de vraag of iets waar of onwaar is, door argumenten af te wegen en onbeantwoorde vragen te identificeren.
Reflecteren op het geleerde en je leerproces evalueren
Deze routines helpen je om stil te staan bij je eigen leerproces, na te denken over hoe je bent veranderd en nieuwe inzichten te ontdekken na een les, project of ervaring.
- 3-2-1 Brug: Om na te denken over hoe je denken verandert door een verbinding te maken tussen je eerste ideeën en de kennis die je na de les hebt opgedaan.
- De 4 C’s: Om te reflecteren op een tekst en te ontdekken hoe deze je denken of gedrag kan beïnvloeden.
- Denk, Puzzel, Onderzoek: Om aan het einde van een project te reflecteren op wat je hebt geleerd.
- Door de Tijd Kijken: Om te reflecteren op hoe je mening over een onderwerp is veranderd door naar de geschiedenis te kijken.
- Ervaringen, uitdagingen, vragen en Inzichten (EUV+1): Om terug te kijken op een project en te ontdekken wat je hebt bereikt en hoe je hebt geleerd.
- Ik dacht vroeger… Nu denk ik…: Om te reflecteren op hoe je ideeën en inzichten over een onderwerp zijn veranderd door wat je hebt geleerd.
- Kern in een Kop: Om je begrip van een onderwerp te zien groeien en veranderen.
- Kies je Standpunt: Om je standpunt te herzien en na te denken over wat je hebt geleerd van de perspectieven van anderen.
- Maak een Notitie: Om na een activiteit terug te kijken op wat je hebt geleerd en welke vragen je nog hebt.
- Optiediamant: Om te reflecteren op wat je hebt geleerd over een moeilijke keuze en de opties.
- +1 Routine: Om te reflecteren op de belangrijkste ideeën van een les en deze aan te vullen met de inzichten van klasgenoten.
- Projecteren over de Tijd: Om te reflecteren op hoe je ideeën over een onderwerp zijn veranderd door te kijken naar het verleden en de toekomst.
- Stap In – Stap uit – Stap Terug: Om te reflecteren op wat jouw eigen ervaringen betekenen in hoe je naar anderen kijkt.
- Verbind, Breid uit, Daag uit: Om te reflecteren op hoe je denken is veranderd of uitgebreid door nieuwe informatie.
- Zie, Voel, Denk, verwonder: Om te reflecteren op hoe een kunstwerk of afbeelding je laat voelen.
Informatie of kennis bestuderen en analyseren
Deze routines richten zich op het analyseren van informatie en het leggen van verbanden tussen ideeën.
- Benoemen, Beschrijven, Handelen: Om goed en aandachtig te kijken naar een afbeelding, object of gebeurtenis.
- De 4 C’s: Om een tekst beter te begrijpen door verbindingen te leggen, aannames te bevragen, concepten te onthouden en na te denken over veranderingen.
- De Complexiteitsschaal: Om te leren nadenken over wat een onderwerp simpel of ingewikkeld maakt.
- Denken met Beelden: Om op een andere manier over een onderwerp na te denken door het te vergelijken met verschillende beelden.
- Genereren, Sorteren, Verbinden en uitwerken: Om verbanden te zien tussen verschillende ideeën en je kennis te verdiepen.
- Het uitlegspel: Om te begrijpen waarom iets is zoals het is, door na te denken over oorzaak en gevolg.
- Het Zit Hem in de Details-Spel: Om beter te leren kijken naar details door te beschrijven wat je ziet zonder meteen te interpreteren.
- Kijken – Tien keer Twee: Om aandachtig te kijken en meer details te zien dan je in eerste instantie dacht.
- Kleuren, Vormen, Lijnen: Om je aandacht te richten op de details van een kunstwerk of object en het zo beter te begrijpen.
- Manieren waarop dingen complex kunnen zijn: Om te ontdekken hoe en waarom een onderwerp ingewikkeld is door het te verdelen in kleinere stukken.
- Onderdelen, Doelen en Complexiteiten: Om goed te kijken naar hoe iets werkt en hoe de onderdelen samenwerken.
- Onderdelen, Perspectieven en Ik: Om een object of systeem beter te begrijpen door de onderdelen, de perspectieven van anderen en je eigen ervaring te onderzoeken.
- Onderdelen, Mensen, Interacties: Om te leren hoe systemen werken door te kijken naar de verschillende onderdelen, mensen en hun interacties.
- Stop, Kijk, Luister: Om te leren hoe je betrouwbare informatie kunt vinden en kritisch na te denken over wat je hoort of leest.
- Woord, zin, uitspraak: Om de belangrijkste delen van een tekst te vinden en te bespreken.
- Zie, Denk, Maak, Bespreek: Om aandachtig te kijken en na te denken over de betekenis van een object of afbeelding, en je gedachten creatief te uiten.
- Zie, Denk, verwonder: Om goed te kijken, na te denken over wat je ziet, en nieuwe vragen te stellen.
- Zie, verwonder, Verbind: Om goed te kijken, vragen te stellen en verbanden te leggen tussen wat je ziet en je eigen leven of school.
- Zie, Voel, Denk, verwonder: Om goed te kijken, je gevoelens te delen en nieuwe ideeën te bedenken over wat je ziet.
Creatief denken en ideeën genereren
Deze routines zijn gericht op het stimuleren van creativiteit en het genereren van nieuwe ideeën.
- Begin Midden Eind: Om je verbeelding te gebruiken en creatief na te denken over alle mogelijkheden in een situatie.
- Creatieve Jacht: Om na te denken over wat je slim of creatief vindt aan een object of idee.
- Creatieve vergelijkingen: Om creatief te denken en verbindingen te maken tussen verschillende ideeën.
- Creatieve vraagstarters: Om je nieuwsgierigheid te verdiepen en nieuwe inzichten over een onderwerp te ontdekken.
- Gevoelens en Opties: Om creatieve ideeën te bedenken om een probleem op te lossen.
- Het verhaal onthullen: Om je eigen mening te vormen en dieper na te denken over wat er achter het verhaal schuilgaat.
- Hetzelfde Anders verbinden Betrekken: Om nieuwsgieriger en vriendelijker te zijn naar anderen.
- Hetzelfde en Anders: Om je te helpen nieuwe ideeën en meningen te vormen door goed te kijken naar overeenkomsten en verschillen.
- Hoe Anders en Waarom?: Om je boodschap beter aan te passen aan de situatie en je effectiever te uiten.
- Kleur, Symbool, Beeld: Om je creatieve verbeelding te oefenen en de kern van ideeën visueel weer te geven.
- Optiediamant: Om creatieve oplossingen te bedenken en te leren dat creatieve ideeën vaak helpen bij lastige keuzes.
- Optie-explosie: Om creatieve oplossingen te bedenken door nieuwe perspectieven te gebruiken en verder te denken dan de eerste ideeën.
- Projecteren over de Tijd: Om je verbeelding te prikkelen en te bedenken hoe dingen zouden kunnen zijn in de toekomst.
- Stap Binnen: Om een creatief idee te bedenken door je voor te stellen hoe iets anders de wereld ervaart.
- Stel je voor…: Om creatief te denken en nieuwe ideeën te bedenken voor hoe je een object of systeem kunt verbeteren.
- Wat kan zijn: Om veranderingen te zien als kansen om iets nieuws te bedenken of te verbeteren.
- Zie, Denk, Ik, Wij: Om verbanden te leggen tussen wat je ziet, jouw leven en de wereld.
- Zie, verwonder, Verbind: Om te ontdekken hoe jouw interesses aansluiten bij wat je op school leert.
- Zoek om te Zien: Om empathie te voelen en te begrijpen hoe mensen met elkaar verbonden zijn.